Rechten en plichten

Rechten en plichten

De rechten en plichten van PWA-werknemers en werkgevers zijn gedeeltelijk gebaseerd op de wet betreffende arbeidsovereenkomsten. De werknemer, werkgever en gebruiker moeten elkaar respecteren. Tijdens de looptijd van de overeenkomst moeten ze zich houden aan de fatsoensregels en de goede zeden.

De PWA-werknemer heeft de volgende plichten:

De burgerlijke aansprakelijkheid van de PWA-werknemers is net als bij de andere categorie├źn werknemers beperkt. Indien de werknemer aan de werkgever, de gebruiker of derden schade berokkent bij de uitvoering van zijn overeenkomst, is hij alleen aansprakelijk voor zijn bedrog of voor zware fouten. Hij is dus niet aansprakelijk voor lichte fouten, ook niet als hij die geregeld begaat. Op dat vlak verschilt zijn aansprakelijkheid van die van de andere categorie├źn werknemers. De regelgeving is gunstiger voor PWA-werknemers.
PWA-werknemers zijn evenmin als andere werknemers aansprakelijk voor schade of sleet die het gevolg zijn van het normale gebruik van het materiaal in kwestie, of voor toevallig verlies.

De werkgever van zijn kant heeft de volgende verplichtingen:

De werkgever en de gebruiker moeten er als een goed huisvader over waken dat de werknemer het werk uitvoert in goede veiligheids- en gezondheidsomstandigheden. Daarbij moeten tegenover PWA-werknemers de bepalingen nageleefd worden van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, en de uitvoeringsbesluiten van deze wet, zoals het A.R.A.B. en de codex.