Geluidshinder voorkomen bij de organisatie van een evenement

Bij een verstoring van de nachtrust, al dan niet op klacht van omwonenden kan de politie optreden. Hoe luid de muziek mag staan, hangt samen met de vraag of het evenement onder de VLAREM-wetgeving valt of niet.

Geluidsnormen voor muziekactiviteiten volgens de VLAREM-wetgeving

Over welke muziekactiviteiten gaat het (niet)?

Deze VLAREM- wetgeving geldt voor alle muziekactiviteiten die toegankelijk zijn voor publiek en waar elektronisch versterkte muziek wordt gespeeld. Dat wil zeggen dat iedere openbare activiteit met opgenomen muziek (bv. cd’s, mp3 ...) of elektronisch versterkte livemuziek (bv. liveoptredens met microfoons, versterkers ...) onder de regelgeving valt. De geluidsnormen gelden dus voor een café met gewone achtergrondmuziek, een fuif in een zaal of een tent, muziek in een fitnesszaal, een dansvoorstelling, een eetfestijn met achtergrondmuziek, een theatervoorstelling met muziek, een optreden in een kleine of grote zaal, een festival in openlucht,...

Activiteiten met enkel niet-elektronisch versterkte muziek (bv. fanfare, symfonisch orkest, kamerorkest … zonder versterking) vallen niet onder de regelgeving. Dat is ook het geval voor activiteiten die op privédomein worden georganiseerd en niet toegankelijk zijn voor het ruime publiek. Bij gedeeltelijke versterking zijn de geluidsnormen echter wel van toepassing (bv. jazzcombo, semi-akoestische set …).

Drie geluidsniveaus

In de regelgeving wordt de volgende logica gehanteerd: hoe hoger het geluidsniveau van de muziek, hoe meer maatregelen moeten worden genomen om het geluid te beheersen en gehoorschade te voorkomen. Om die reden wordt gewerkt met drie geluidsniveaus. Ieder geluidsniveau heeft zijn eigen verplichtingen. Hieronder zetten we ze alle drie op een rijtje:

1) Muziekactiviteiten met een maximaal niveau van 85 dB(A) LAeq,15min

Muziek die stiller is dan een gemiddelde van 85 decibel, gemeten over 15 minuten, vind je bv. in een praatcafé of restaurant, waar de muziek louter als achtergrond dient. Vanaf het moment dat de muziek meer prominent aanwezig is, en zeker vanaf het moment dat het geluidsvolume een ’dansbaar‘ niveau haalt, overschrijdt het gemiddelde volume meestal de 85 decibel. Ook liveoptredens gaan bijna altijd luider dan het gemiddelde van 85 decibel. Een onversterkt drumstel waarop stevig wordt gespeeld, overschrijdt dit volume in de meeste gevallen makkelijk.

Welke maatregelen moet je nemen?

Je hoeft het geluid niet te meten, en je hoeft geen maatregelen te nemen voor gehoorbescherming.

2) Muziekactiviteiten luider dan 85 dB(A) LAeq,15min, met een maximaal niveau van 95 dB(A) LAeq,15min

Muziek die luider is dan 85 dB(A) LAeq,15min maar gemiddeld over een kwartier niet boven de 95 decibel gaat, vind je bv. in muziekcafés waar de muziek een stuk luider staat dan in een ’gewoon‘ praatcafé, bij kleine fuiven, bij dansoptredens en bij live concerten van stillere genres of concerten in akoestisch zeer gedempte ruimtes zoals theaterzalen.

Welke maatregelen moet je nemen?

Je vraagt de nodige toelating en/of afwijking aan bij het college van burgemeester en schepenen of je doet een melding.

Bovendien neem je nog volgende bijkomende maatregelen:

  • Je meet het geluidsvolume gedurende de volledige activiteit met een reglementair meettoestel.
  • Je registreert of ’logt‘ ook het gemeten geluidsvolume gedurende de volledige activiteit, zodat ook na de activiteit kan worden nagekeken welke geluidsvolumes er op welk ogenblik zijn geproduceerd. Je houdt de geregistreerde meetgegevens minstens één maand bij. Het gemeten geluidsvolume is permanent zichtbaar voor de persoon die het geluidsvolume bedient.
  • Je mag ook een geluidsbegrenzer gebruiken die ervoor zorgt dat de maximumnorm niet wordt overschreden, maar dat is geen verplichting. Ook hier is het gemeten geluidsvolume permanent zichtbaar voor de persoon die het geluidsvolume bedient.

3) Muziekactiviteiten luider dan 95 dB(A) LAeq,15min, met een maximaal niveau van 100 dB(A) LAeq,60min

Deze geluidsniveaus vind je bv. bij rockconcerten, grote fuiven en discotheken.

Welke maatregelen moet je nemen?

Je vraagt de nodige toelating en/of afwijking aan bij het college van burgemeester en schepenen of je vraagt een milieuvergunning aan.

Bovendien neem je nog volgende bijkomende maatregelen:

  • Je meet het geluidsvolume gedurende de volledige activiteit met een reglementair meettoestel.
  • Je registreert of ’logt‘ ook het gemeten geluidsvolume gedurende de volledige activiteit, zodat ook na de activiteit kan worden nagekeken welke geluidsvolumes er op welk ogenblik zijn geproduceerd. Je houdt de geregistreerde meetgegevens minstens één maand bij. Het gemeten geluidsvolume is permanent zichtbaar voor de persoon die het geluidsvolume bedient.
  • Je mag ook een geluidsbegrenzer gebruiken die ervoor zorgt dat de maximumnorm niet wordt overschreden, maar dat is geen verplichting. Ook hier is het gemeten geluidsvolume permanent zichtbaar voor de persoon die het geluidsvolume bedient.
  • Je stelt gratis oordopjes ter beschikking van het publiek.
  • Zalen of cafés die beschikken over een permanente geluidsinstallatie en een klasse 2-vergunning hebben, laten een geluidsplan opmaken.

Meer informatie vind je op de website van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie waarbij vooral de technische handleiding Nieuwe geluidsnormen voor muziekactiviteiten wordt aangeraden.

Geluidsmeter lenen bij de gemeente Lebbeke

Om organisatoren van fuiven en evenementen in Lebbeke te ondersteunen in het respecteren van de geluidsnormen, voorziet de gemeente in het ontlenen van een geluidsmeter via de webwinkel van de gemeente.

Geluidsnormen volgens het politiereglement

Naast de VLAREM-wetgeving wordt de bestrijding van geluidshinder ook in het politiereglement gedefinieerd. In hoofdstuk 1.5 van het politiereglement van de gemeente Lebbeke wordt de regelgeving rond de bestrijding van geluidshinder vastgelegd.

Algemene bepalingen

Buiten het wettelijk kader m.b.t. geluid nemen de organisatoren of uitbaters volgende maatregelen om de overlast van muziek tot een minimum te herleiden.

  • Bewoners, wonend in een straal van 250m van het evenement, worden door de organisator vooraf schriftelijke geïnformeerd.
  • De geluidsboxen moet zo zijn opgesteld dat het geluid wordt gestuurd naar het centrum van de zaal/tent en niet naar de uitgang of naar de muren/zeilen toe. De geluidsboxen bevinden zich verspreid in de zaal/tent.

Komt er een klacht van omwonenden, dan zal politie ter plaatse komen en vragen om de muziek stiller te zetten en/of een meting van het aantal geproduceerde decibels uitvoeren en/of een proces-verbaal opmaken en/of de activiteit stilleggen.
Als de politie ter plaatse komt, wees dan altijd vriendelijk en voor rede vatbaar.